Schipper Eus Nieuwenhuis van skûtsje Frije Fûgel kijkt met veel plezier terug op het afgelopen IFKS-kampioenschap. Het skûtsje zeilt dit jaar voor het eerst onder de vlag van Balk. Op de slotdag in de Lemster baai trok het skûtsje van Nieuwenhuis uiteindelijk aan de het langste eind, en was het kampioenschap een feit.
Voor aanvang van de finale in Lemmer bedroeg het verschil tussen Frije Fûgel en Dageraad slechts een tiende punt. De twee concurrenten zochten elkaar tijdens de wedstrijd dan ook nadrukkelijk op. Wie voor de ander over de finish zou komen, mocht zich kampioen noemen.
Gekke slotwedstrijd
“Het was ook een beetje geluk”, zegt Eus Nieuwenhuis, een kleine anderhalve week na de overwinning in de haven van Hemelum. “Het was een beetje gekke zeilerij met weinig wind, maar we kwamen er goed uit en iedereen doet zijn best.”

Veel belangrijker dan de prijs vindt Nieuwenhuis echter het gevoel dat de IFKS losmaakt. “Hoe wij als bemanning met elkaar omgaan, de liefde voor het schip, maar ook voor elkaar, het met elkaar alles doen, dat maakt het kampioenschap prachtig.” Ook de sfeer tussen de schippers onderling is volgens Nieuwenhuis voortreffelijk.
Leerproces
Volgens de Schipper zitten hij en zijn bemanning nog volop in het leerproces. “Wij zijn eigenlijk helemaal niet zo goed, wij zijn vol aan het leren. Het is gewoon supermooi om zo’n groot schip neer te leggen dan zo snel mogelijk naar de bovenboei zien te krijgen. Zeilen is als schaken op het water.”

Met het kampioenschap is de promotie naar de B-klasse een feit. “Wij mogen een treetje hoger, ik verwacht ook dat wij dit gaan doen, maar dat moet ik met het team bespreken.” Volgens de schipper is het dan wel van belang dat er getraind wordt. “Wij moeten beter worden en bijvoorbeeld de boothandling nog beter onder controle zien te krijgen.”
Eind dit jaar emigreert Nieuwenhuis naar Paraguay. “Ik ben hier volgend jaar een paar maanden, dat maakt het inderdaad niet makkelijker om veel te trainen”, lacht hij.